1. Skip to Menu
  2. Skip to Content
  3. Skip to Footer

Geschiedenis


Kara-te betekent 'lege hand'. Vrij vertaalt betreft het de 'kunst van het vechten zonder wapens', gebruik makend van delen van het lichaam die als wapen kunnen fungeren, zoals b.v. de vuist, elleboog, knie, been, voet, enz.
De oorsprong van het ongewapend vechten in Zuid-Oost Aziƫ situeert zich voor onze tijdrekening in het huidige Indiƫ.

De rondtrekkende Zenboeddhistische priesters dienden zich tegen struikrovers te verdedigen en observeerden hiervoor de aanvals- en verdedigingsbewegingen van dieren. Omstreeks 500 na Christus trekt Bodhidarma (Daruma) naar de provincie Henan in het huidige China waar hij in de Shaolin tempel zijn kennis ter beschikking stelde van de monniken. Deze gevechtskunst staat bekend onder de naam Kempo. Van hieruit zou de kunst zich verspreiden over heel China en tevens naar Korea en Japan.

Het karate zoals wij dit nu kennen kwam op het Japanse eiland Okinawa tot stand eind 18e eeuw. De uit China afkomstige technieken werden er gecombineerd met de lokale systemen van ongewapend vechten. De drie belangrijkste strekkingen waren Naha-te, Tomari-te en Shuri-te. In het begin van de 20e eeuw catalogeerde men al deze stijlen onder de noemer Kara-te.
De vader van het huidige Karate is zonder twijfel Gichin Funakoshi. Hij bestudeerde de belangrijkste stijlen en systematiseerde hieruit zijn Shotokan-Karate. Deze stijl wordt gekenmerkt door voornamelijk rechtlijnige technieken.

In 1922 werd Funakoshi, uitgenodigd om in Tokio demonstraties te geven van zijn Karate. Hij zal er tot zijn dood in 1957 verblijven. Een andere belangrijke grootmeester uit Okinawa, Chojun Mijagi, verzamelde vooral technieken van Chinese oorsprong. Zijn voornamelijk uit cirkelvormige technieken bestaande Karate noemde hij Goju-Ryu. Zijn opvolger Gogen Yamaguchi ('de kat') zal de stijl op het Japanse vasteland bekend maken.

 

Karate vereniging Katsu te Winsum

International Budo Kai